Ingrediënten: 4 personen.
25 gram boter
1 ui
1 prei
500 gram asperges
1 theelepel sereh (citroengras)
1 liter kippenbouillon
3 eiwitten
zout en peper |
Bereiding:
Snijd de ui en het wit van de prei in dunne ringen. Verhit de boter in
een pan en fruit de ui en prei hierin. Spoel ondertussen de asperges af
met koud water en schil ze zorgvuldig. Was de asperges na het schillen
nog eens. Snijd de wat houterige onderzijde (1½ à 3 cm) en de koppen
(+/- 5 cm) van de asperges. Houd de aspergekoppen apart. Doe de
aspergeschillen, de rest van de stengels en de sereh (Citroengras) erbij en bak dit 5
minuten mee. Voeg de bouillon toe, laat het aan de kook komen en kook
het geheel 40 minuten. Kook de laatste 5 minuten de aspergekoppen mee.
De asperges moeten zacht maar niet papperig zijn. Schep de aspergekoppen
uit de soep en spoel ze even af. Snijd ze diagonaal in dunne plakjes en
houd weer apart. Zeef de bouillon en laat hem afkoelen. Klaar de soep
wanneer hij is afgekoeld. Doe dit als volgt: roer de eiwitten met een
vork los en roer het door de bouillon. Breng de bouillon langzaam weer
aan de kook. Blijf ondertussen rustig roeren. Het eiwit zal beginnen te
stollen waardoor de losse deeltjes in de soep gebonden worden. Laat de
soep zachtjes sudderen tot hij helder is, ongeveer 5 tot 10 minuten.
Bekleed een zeef met kaasdoek of een dunne theedoek en zeef de soep
hiermee. Voeg de aspergeplakjes aan de soep toe en warm tenslotte alles
nog eens goed op. Voeg peper naar smaak toe.
Eet smakelijk. |